Volhoudbare verhalen

Schimmelkoning Frans van Rooijen innoveert bouwwereld met biobeits

Je leest in dit verhaal

  • Hoe een wonderlijke schimmel de behoudende bouwsector verduurzaamt
  • Wat een eerste crowdfunding-actie deed mislukken
  • Waarom een goed verhaal onmisbaar is om je potentiële klant te overtuigen
  • Wat biobeitser Frans van Rooijen en de Vegetarische Slager gemeen hebben

Diep in een beschermd natuurgebied van Staatsbosbeheer, ver weg van alle wandelpaden, ergens tussen bomen, bruine bladeren en groene varens, staan enkele honderden donkergekleurde houten paaltjes in vruchtbare aarde. Zonnestralen prikken tussen de boomtakken door tot op de klamme grond. Het UV-licht van de koperen ploert probeert tot diep in het hout door te dringen, maar dat lukt haast niet. De donkerkleurige beschermlaag is van nature zó krachtig dat dit hout zich al een tiental testjaren goed houdt, zowel boven de grond als diep eronder. Stuk voor stuk dragen de rechthoekige paaltjes een rond plaatje met een uniek nummer in deze duurtest. De wisselende seizoenen trekken jaar na jaar voorbij, maar krijgen slechts vat op die paaltjes die op een andere wijze zijn verduurzaamd of als onbehandeld controlehout dienst doen en langzaam maar zeker wèl tot humus wegkwijnen.

Op de testpaaltjes is de egale beschermlaag in verschillende diktes aangebracht. Tot in microdetail léven die zwartkleurige, grijsachtige en bruingetinte lagen. Want het is én blijft natuur. Biologische bescherming is het enige logische antwoord op de noodzaak om hout op een natuurlijke manier langdurig te behoeden voor de effecten van zonlicht en vocht. Onder de microscoop wordt pas zichtbaar hoe deze “dark nature” dag en nacht doorwerkt: de schimmel beschermt zichzelf en het hout door de vorming van schimmelcellen en natuurlijke stoffen. De Aureo basidium pullulans is een gistachtige schimmel. De schimmelcellen houden de celwanden van het hout jarenlang sterk. De schimmel werkt zó goed, dat zelfs krassen in het houtoppervlak op natuurlijke wijze worden hersteld.

Deze onschadelijke schimmel komt wereldwijd in uiteenlopende biotopen voor en wordt gevonden in de grond, de lucht, in water en op hele verschillende oppervlakken, zoals bladeren, steen en metaal. Het heeft weinig nodig om voort te bestaan. De schimmel kan tegen hoge en lage temperaturen, hoge zoutgehalten en zure omgevingen. Al een eeuw geleden werd ie ontdekt. Pas twee decennia geleden kwam een van oorsprong Duitse wetenschapper bij toeval achter de potentieel beschermende werking op hout. De donkere kleur is de kleur van de volop werkende schimmel. Die wordt met natuurlijke lijnzaadolie gelijkmatig aangebracht op houten schuttingen, overkappingen, gevelbedekkingen, kozijnen, tuinhuisjes, pergola’s, speeltoestellen, palen en bielzen. Daarbij blijven de karakteristieke houtnerf én de houtuitstraling volledig behouden. Het is een unieke manier van natuurlijke bescherming van de houten onderdelen van gebouwen en andere houten constructies.

Jaren geleden maakte Frans van Rooijen (1959), als toenmalige Twentse houtproducent en houthandelaar, kennis met de eerdere ontdekking van Dr Michael Sailer, de huidige compagnon van Frans. Deze Duitse wetenschapper werkte voor TNO toen dit onderzoeksinstituut zich nog volop bezighield met natuurlijke houtveredeling. In een toenmalige klankbordgroep met concullega’s uit de houtbouw, bleek Frans de enige ondernemer die direct en definitief wat zag in biologische bescherming tegen houtrot. Ook al begreep hij dat lijnzaadolie en schimmel een unieke combinatie zijn, het werd uiteindelijk een lange weg om vanuit zijn groene hart de behoorlijk behoudende bouwsector te inspireren. In de loop van tijd is zijn start-up uitgegroeid tot de scale-up die het nu is.

Groot denken klein doen

Momenteel maakt het bloeiende bedrijf zich klaar voor groeiende kansen in verschillende markten, ook wereldwijd. Want naast toepassingen op hout voor de bouw, brengt een blik over de horizon eveneens oppervlakteveredeling van betonsoorten en metaaltypen dichterbij. Toch blijft Frans het een uitdaging vinden om per deelmarkt de gewenste doorbraak te forceren, mede gezien de traditionele marktomstandigheden. Terwijl hij ervan overtuigd is én blijft dat deze volhoudbare oplossing mondiaal veel duurzaamheid kan opleveren.  

Door schade en schande

Frans karakteriseert zichzelf als iemand die uit volle overtuiging duurzaam onderneemt: ‘Met het volwassener worden, word je ook wijzer. Er is geen twijfel over dat de mensheid totaal anders zal moeten omgaan met de Aarde. En snèl ook! Tegelijkertijd mag duurzaamheid geen “principerij” worden. De kunst is om praktisch en pragmatisch te blijven. Zeker, als je als ondernemer de écht duurzame kant op wil, dan moet je er goed over nadenken en je gedegen oriënteren in potentieel sterk veranderende markten. Neem nu het recyclen van oude kozijnen voor de huidige huizenbouw. Afvalhout geeft tal van uitdagingen, en dan heb ik het eerst nog maar over het verwijderen van spijkers. Nee, feitelijk is ál het traditioneel geverfde en gebeitste bouwhout zwaar verontreinigd restafval dat niettemin beter niet in verbrandingsovens terecht zou mogen komen. Terwijl een volledig duurzame veredeling van bouwhout in één klap het speelveld totaal kan veranderen, en ook nog eens wereldwijd.

‘Innoveren is mijn drijfveer, duurzaamheid mijn drang’

Het uitzoeken of dit economisch te doen blijkt én onderbouwen dat verduurzamen volhoudbaar is, dat vergt heel veel tijd, zo heb ik door schade en schande gemerkt. Het verlangt een lange adem tezamen met een visie op de toekomst. Terwijl je steeds beter weet hoe verkeerd de mensheid feitelijk bezig is, en terwijl veranderingen in de bouwwereld tergend langzaam gaan. Iemand heb ik wel eens horen zeggen: “Innoveren in de bouwsector is voor de concurrent”.’ En innoveren, dat dóet Frans. Hij weet dat hij zowel op de bouwplaatsen als in de plaatselijke bouwmarkten een natuurlijk alternatief zal zijn dat in potentie mondiaal positieve impact kan helpen maken.

Early adopters

Ondertussen blijkt de dagelijkse praktijk steeds iets minder weerbarstig. Meer en meer bouwbedrijven die koploper willen zijn, realiseren zich dat er snel iets wezenlijks moet gebeuren. De stikstofcrisis helpt het bewustzijn en de daadkracht verder vergroten. Frans is open: ‘Hout is een geweldig product! Als start-up ben ik eigenlijk té enthousiast begonnen. Mijn groene hart gaf me het heilige vuur, maar toen vloog ik op een andere manier ons inhoudelijke verhaal aan. Na verloop van tijd realiseerde ik me dat mijn potentiële klanten echt tijd nodig hadden om te wennen aan wat wij hen vertelden.’ Tot een eeuw geleden namen bouwers de tijd om bomen na de kap maar liefst tot 30 jaar in water te laten liggen, zodat de voedingsstoffen voor houtaantastende organismen konden uitspoelen en het hout daarna lang zou meegaan en slechts beperkt hoefde te worden behandeld en onderhouden. Tot honderd jaar geleden werden kozijnen en luiken van grachtenpanden in bijvoorbeeld de hoofdstad nog met verf op basis van lijnzaadolie en natuurlijke pigmenten geschilderd. Toen waren er geen kunstmatige verfproducten.

Villa in Berchem (België) met houten gevelbekleding.

Frans: ‘Momenteel zie je de kentering als eerste ontstaan in de hoogste marktsegmenten, met name bij particulieren die prachtige huizen buiten in de natuur laten bouwen, zoals op basis van houtskeletbouw. We zien ook de behoefte aan strategische partners groeien. Een bewuste huizenbouwer als De Groot in Vroomshoop denkt in het kader van circulariteit na over duurzame veredeling van hout. Recent hebben we voor een andere bouwer uit Midden-Nederland nog een prachtig specialistisch project opgeleverd in Doorwerth. Daar heeft het plaatselijke opvangcentrum voor vogels en wild een heel bijzonder “groen” gebouw laten neerzetten om jaarlijks maar liefst 6.000 gehavende dieren te kunnen opvangen. Met dit volledig uit hout opgetrokken en met hout afgewerkte complex, wil Avolare bewust uiting geven aan haar visie op een duurzame relatie tussen dieren en mensen. Door pal naast een beschermd Natura 2000-gebied te bouwen met verantwoorde materialen, zorgt deze organisatie voor een minimale C02-uitstoot en een zo klein mogelijke impact op de natuurlijke omgeving. Vanzelfsprekend past onze vooruitstrevende houtveredeling naadloos in deze ecologische en circulaire aanpak.’ In de praktijk zijn de toepassingen van biobeits nog veel breder: ‘Ook houtsnippers voor op wandelpaden of in tuinen kunnen een duurzaam tweede leven vormen voor sloophout uit de bouw, zolang dit hout maar duurzaam veredeld is met bijvoorbeeld onze natuurlijke producten. Of als voer voor insecten, die weer als voeding voor bijvoorbeeld vissen kunnen worden gebruikt. Zo wordt circulariteit een veel breder en levend concept.’ 

12.000 liter natuurgeweld

Tegelijkertijd zoekt Frans verder naar een wezenlijke doorbraak in de reguliere bouwwereld. Want vaak blijkt duurzaamheid vooral een incidenteel initiatief of zelfs geheel voor de bühne: ‘Ook de rol van overheden en woningbouwverenigingen mag snel veeleisender worden, zoals bij duurzame inkoop en in toekomstbestendige aanbestedingen voor onderhoud, verbouw of nieuwbouw. Pas dán kunnen wij opschalen en onze impact verder vergroten. Heel bewust werken we aan onze voetafdruk. Ik geloof in “local for local”. Het liefst willen we de vlas voor de lijnzaadolie steevast betrekken van boeren uit de buurt. Dat geldt ook voor het opkweken van onze schimmels. In een groot vat bij onze toeleverancier in het noorden kan nu in een maand tijd 1.000 liter worden opgekweekt. Maar met een groter vat wordt dat zo 12.000 liter in een paar weken. Schimmels moeten groeien en daarvoor zijn nutriënten nodig. Hiertoe zou je zelfs reststromen met zetmeel uit de plaatselijke aardappelindustrie verantwoord kunnen benutten.

‘Schimmelcellen communiceren met elkaar. Laat de natuur dus zèlf het probleem oplossen’

Op zichzelf is het productieproces betrekkelijk simpel. Wel levert het ons nu nog teveel handwerk op bij het verpakken en verzenden.’ Op termijn heeft de “BioBeitser” de ambitie om aansluiting te vinden bij een internationale verfproducent die ook wereldwijd een volhoudbaar verschil wil maken. Vergeet niet, wereldwijd worden jaarlijks maar liefst miljarden liters kunstmatige verf en beits op hout geverfd. Daar zitten wel degelijk behoorlijk schadelijke stoffen in, zowel voor de mens als voor de natuur. De voetafdruk van dergelijke verfsoorten is helaas onvoorstelbaar groot. De voetafdruk van FungiForce™ biobeits is juist heel voorstelbaar klein.

Mensgericht en digitaal

Het allerbelangrijkste is volgens Frans het nog beter uitleggen hoe deze unieke biologische bescherming werkt en eenvoudig verwerkt kan worden, zowel in de zakelijke als in de particuliere markt: ‘Voor consumenten gebruiken we onze webshop om de FungiForce™ biobeits aan te prijzen voor buitengebruik. Deze digitale distributie trekt wekelijks een groeiend aantal bezoekers, zo wijzen onze statistieken uit, maar de conversie willen we snel verder verhogen. Eén klant brengt tien nieuwe klanten op, zo weten we inmiddels uit ervaring. Door ook gebruikersvideo’s te bieden, hopen we de kennis en ervaring bij onze klantengroepen te vergroten. Ook het aantal referentieprojecten groeit gestaag door.’ Gelijktijdig is Frans zich er van bewust dat hij ook zelf als gedreven persoon én als groene ondernemer een verhaal te vertellen heeft dat gedeeld moet worden om verbinding te leggen met anderen die juist op zoek zijn naar zijn volhoudbare oplossingen.

Het zorgcentrum Da Costa in Putten met de matzwarte houten gevelbekleding

De kunst van crowdfunding

Als enthousiaste start-up ging het bedrijf van Frans een eerste ronde van crowdfunding in. Naast steun van de provinciale investeerder, het regionale innovatiefonds en de landelijke Mkb-innovatiestimulering Regio en Topsectoren (MIT), was publieke steun gewenst. Toch liep dat totaal anders dan gedacht. Frans: ‘Het sourcen van een crowd is een kunst op zich. Vanzelfsprekend moet je heel bedreven zijn in sociale media en aanverwante publiciteit. Bovendien moet vooral je verhaal compleet zijn. Maar toen was ons verhaal dat nog niet. Feitelijk hebben we die crowdfunding toen verkeerd aangepakt, nu zouden we dat anders doen, minder zelf proberen, eerder andere specialisten daarin betrekken. Dat is kostbaar leergeld geweest, maar wèl met een rendement. Want nu we als bedrijf tussen servet en tafellaken zitten, overwegen we binnenkort een tweede ronde van crowdfunding te organiseren. Maar dan anders. Het product is verder doorontwikkeld. Het staat nu als een huis. We geloven in brede marktkansen, dus zal het ook positievere reacties uit de community teweeg brengen, is onze inschatting.’ Juist door mensen met andere kennis en kunde bij zijn gestaag groeiende onderneming te betrekken, verwacht Frans de duurzame doorbraak te kunnen forceren: ‘We hebben nu behoefte aan strategische partners, zowel voor de verschillende markten, als in de marketingcommunicatie.’

Fijnstofzuiger en pollenpeuzelaar

‘Baanbrekende innovatie is voor gevestigde industrieën moeilijk, wellicht zelfs te moeilijk. Zo schonen markten zichzelf op door verloop van tijd. Als we de Aarde – en daarmee de mensheid – willen redden, dan moeten we snel opschalen naar honderdduizenden liters biobeits per jaar: door het hout weer terug te geven aan de natuur. Feitelijk is FungiForce™ een vorm van natuurbehoud, waardoor de in hout opgeslagen CO2 nog langer daarin behouden kan worden, dus niet opnieuw in de atmosfeer komt. Bij Saxion Hogeschool lopen nog enkele toegepaste onderzoeken, waaronder de mogelijke absorptiekracht van deze schimmel om fijnstof uit de lucht te helpen halen. Met de Hogeschool Utrecht en de Universiteit Utrecht proberen we uit te zoeken wat de schimmel doet als die op hout, beton of metaal is geschilderd. Zelfs lijkt deze schimmel het heerlijk te vinden om pollen uit de lucht “op te peuzelen”. Europese onderzoeksprojecten tonen ook gerichte belangstelling om spoedig tot volhoudbare oplossingen te komen’, aldus Frans. De tijd dringt. De teloorgang van de Aarde moet worden gestopt en worden omgezet in daadwerkelijk circulair gebruik.

Ondernemersprofiel van Frans van Rooijen (1959)

Studie: Technische bedrijfskunde en Werktuigbouwkunde
Onderneemt als: Biobeitser
Thuissituatie: Vrouw, dochter en zoon
Aantal medewerkers: 2
Levenswijsheid: “Puur natuur is niet duur.”
Ondernemerstrots: “Innoveren doe je voor de lange termijn.”
Global Goal(s): 15 – Life on Land
(Ont)groeien vóór 2030: “Van servet naar tafellaken.”
Blik op de horizon tot 2050: “Biologische coating voor de hele wereld.”
Laatste LinkedIn post: “Ben ik nog niet zo van.”
Sleutelmoment: “Kennismaking met professor Dr Michael Sailer, de ontdekker van de natuurlijke houtbescherming door de Aureo basidium pullulans schimmel. Nu mijn compagnon.”
Vallen en opstaan: “Crowdfunding 1 – mislukt – en Crowdfunding 2 – in voorbereiding.”

Ook Maker voor Morgen worden?

Heb jij net als Frans ook een volhoudbaar ondernemersverhaal? Onze redactie gaat er graag mee aan de slag

Makers voor Morgen

Recent Posts

Microalgen als het ware superfood voor duurzame wereldburgers

De ambitie van algenkweker Duplaco in Oldenzaal is om uit te groeien tot de grootste…

4 jaar ago

Hoe staalondernemer Coen Groeneveld deuren opent die voor anderen gesloten zijn

Zijn hele team, de professionele werkplaats en iedere dagindeling zijn volledig gestructureerd. Zo ontwerpt en…

5 jaar ago

Hoe de wonderlijke carrière van Rob Borgerink uitmondt in een watertransitie

Twentse nuchterheid en technologische vooruitstrevendheid maken het Vriezenveens waterbehandelingsbedrijf van Rob Borgerink gewild.

5 jaar ago

Circulaire textielbaron gebruikt oude kleding om wereldprobleem op te lossen

Saxcell geeft jaarlijks ruim 20 miljoen kilogram kleding een nieuwe bestemming. Hiermee besparen ze 29…

5 jaar ago

Sociale innovatie is een kwestie van gewoon doen: de rest komt vanzelf

Ook al staat niet vast dat het hoge doel gehaald wordt, toch wil Hollander Techniek…

5 jaar ago

Bioverf-ondernemer Bas van der Geest maakt ‘textielstuc’ van oude jeans

Zelfs ABN AMRO en Tommy Hilfiger kozen voor de herbruikbare wanddecoratie van Bas en zijn…

5 jaar ago